Kalevi Aho – Concerten voor trombone en trompet (CD Recensie)

De Finse componist Kalevi Aho heeft een voorliefde voor soloconcerten. Hij schreef er sinds 1981 een dertigtal. Een drietal kwam hier reeds voorbij: een voor de hand liggende, zoals zijn eerste voor piano, maar ook minder gewone als die voor fagot en voor pauken. Nu ligt er een Cd, wederom uitgebracht door BIS met de concerten voor trombone, uit 2010 en dat voor trompet uit 2011. Beiden uitgevoerd door het Antwerp Symphony Orchestra onder leiding van Martyn Brabbins met als solisten trombonist Jörgen van Rijen en trompettist Alain de Rudder.

In 2006 won Van Rijen, solo trombonist bij het Koninklijk Concertgebouworkest de prestigieuze Borletti-Buitoni Trust Award. Het geld besteedde hij aan een opdracht voor Aho: graag een tromboneconcert, zoveel zijn er tenslotte niet. De twee ontmoetten elkaar in maart 2010, Aho toog aan het werk en twee jaar later, op 2 maart 2012 ging het stuk in première in een uitvoering door het Residentie Okest onder leiding van een landgenoot van Aho, Santtu-Matias Rouvali. Het vierdelige concert vangt aan met ‘Tranquillo’, lyrisch, stemmig, met lange orkestrale lijnen waaruit de trombone opdoemt als uit de mist. De lage klank van de trombone komt al snel aan bod en verleent aan dit deel een wat melancholische sfeer. Na een prachtige bedachtzame solo geraakt de muziek in ‘Presto’ in een ritmische stroomversnelling. Een zeer lastig deel waarin het gevoel voor timing van de trombonist danig op de proef wordt gesteld. Van Rijen brengt het er echter glansrijk van af, iets dat overigens ook geldt voor het orkest. Een prachtig deel dat eindigt met een ferme klap. In het ‘Adagio’ keert de rust weer terug en horen we Van Rijen luisterrijke klanken produceren die prachtig mengen met die van het orkest. In de finale, ‘Vivace – Tranquillo’ overheerst aanvankelijk weer het ritme, net als in het ‘Presto’ in gang gezet door een djembe en de conga’s. Na een veeleisende scène neemt de dynamiek af en het concert eindigt in een langzaam wegstervend coda.

Het trompetconcert heeft voluit als naam ‘Concert voor trompet en Symfonisch Blaasorkest’. In 2009 vroeg de Finnish Symphonic Wind Orchestra Sisu een werk voor blazersorkest. De Guards Band uit Helsinki haakte aan, evenals het Antwerp Symphony Orchestra. Om de rol van de solo trompet, De Rudder is de solotrompettist van het orkest,  duidelijk te markeren, bespelen de overige trompettisten in het orkest de bugel. Naast het koper horen we verder twee saxofoons, een bariton hoorn en drie percussionisten. Ook dit concert bestaat uit vier delen met de opbouw langzaam – snel – langzaam – snel – Met ‘Misterioso’ vangt het stuk dus aan conform de titel: lange, melodische lijnen met rustiek klinkend slagwerk op de achtergrond. Donkere blazersklanken verlenen deze passage de extra spanning. Het ‘Vivace’ stelt hoge eisen aan zowel solist als orkest door het hoge tempo en de grote mate van variatie. De muziek doet hier en daar overigens denken aan die van Leonard Bernstein in de combinatie van symfonisch en jazz. Het ‘Intermezzo e cadenza’ klinkt weer veel ingetogener, met mooie solopartijen van de trompet. In de ‘Finale. Capriccioso’ die naadloos op het derde deel aansluit zit weer meer tempo, met een repetitief karakter en messcherpe bijdrages van de solotrompet.

Reacties zijn gesloten.