Eric McPherson – Double Bass Quartet / Rez Abbasi Acoustic Quintet – Sound Remains / Otherlands Trio – Star Mountain (CD Recensie)

Vandaag zet ik de schijnwerpers op de Amerikaanse drummer Eric McPherson. Als student speelde hij al in de band van de beroemde saxofonsit Jackie McLean en in 2007 bracht hij zijn eerste album onder eigen naam uit. Op deze blog kwam hij dan ook al enkele keren voorbij, waarover straks meer. Vorig jaar voegde hij aan de gestage stroom albums ‘Double Bass Quartet’ toe. Een album onder zijn leiding, dat werd uitgebracht door Giant Steps Arts, met John Hébert en Ben Street op contrabas en David Virelles achter de piano. Tevens speelde hij op minstens twee albums mee als sideman. Hierbij dan ook aandacht voor het bij Whirlwind Recordings verschenen ‘Sound Remains’ van het Rez Abbasi Acoustic Quintet en het bij Intakt Records verschenen ‘Star Mountain’ van het Otherlands Trio.

Tja, als beroemde drummers als Max Roach, Michael Carvin, Charles Mofferr en Feddie Waits al bij je ouders over de vloer komen, is het wellicht ook niet meer dan logisch dat je drummer wordt. En wat dan ook niet verwonderlijk is, is dat we McPherson’s stijl in die klassieke jazz kunnen plaatsen. Het album begint dan ook met een stuk van een andere beroemde musicus waar McPherson mee samenwerkte: pianist Andrew Hill. Samen met Hébert zat hij in het laatste trio van Hill voor zijn dood in 2007. ‘Ode to Von’ en de ballade ‘Ashes’ verderop op dit album, zijn dan ook een eerbetoon aan deze grensverleggende pianist, met in het eerste stuk een grote rol voor Virelles waar McPherson ook al jaren mee samenwerkt.  Zo horen we de twee samen met Street ook op Virelles’ ‘Carta’ dat hier eerder aan bod kwam. Maar in dit kwartet dus twee bassisten, ook dat is niet nieuw, Duke Ellington kwam in de jaren ’40 van de vorige eeuw al eens op dat idee, maar echt vaak komt het aan de andere kant ook weer niet voor. Het geeft een wat steviger, donkerder geluid, iets wat bijvoorbeeld mooi tot uiting komt in de ballade ‘Blind Pig’, een stuk van Hébert. Met name als Virelles even stil is en we alleen het bas – drums trio horen. Maar goed, McPherson staat hier centraal en dat horen we mooi in Stanley Cowell’s ‘Illusion Suite’, een stuk waar de drummer zorgt voor de structuur. Maar nog beter horen we hem in het bijna zes minuten durende, bijzonder boeiende ‘Solo Drum’. De bassisten krijgen weer alle ruimte in de standard ‘Darn That Dream’ van Jimmy Van Heusen. Bijzonder is ook zonder meer de ballade ‘Transmission’ van Virelles, met uiterst afgewogen pianospel en doeltreffend slagwerk op de achtergrond. Waar Virelles ook uitstekend raad mee weet is Thelonious Monk’s ‘Skippy’, we herkennen de meester direct.

Vijftien jaar geleden verscheen ‘Natural Selection’ van wat toen nog het Rez Abbasi Acoustic Quartet heette, met naast Abbasi en McPherson, bassist Stephan Crump en vibrafonist Bill Ware. Vijf jaar later volgde ‘Intents and Purposes’ en weer tien jaar later ‘Soud Remains’. Alleen is het kwartet met de komst van percussionist Hasan Bakr inmiddels een kwintet geworden. Het is een heel persoonlijk album geworden, te zien als een meditatieve suite, met allemaal stukken van Abbasi zelf: “Meditation helps me align with the peace that comes from releasing perpetual desires and personal conditioning. When I reach that space, often the only thing that remains is sound.” Wat verder direct opvalt in opener ‘Presence’ is dat Abbasi zijn akoestische gitaar voorzien heeft van metalen snaren, redelijk ongebruikelijk binnen de jazz, maar in combinatie met al die percussie werkt het uitstekend. En het mag dan een meditatief album zijn, dat wil niet zeggen dat de muziek je als luisteraar in slaap brengt. Opener ‘Presence’ staat daar haaks op. Dat meditatieve horen we wel sterk terug in een aantal andere stukken. Zoals in ‘You Are’, met een intieme, maar meeslepende solo van Abbasi; in ‘Questar’ met een zangerige solo van Crump, iets waar hij om bekend staat en in ‘Folk Song’ met een mooie solo van Ware. ‘Spin Dream’ klinkt dan weer dynamischer met belangrijke rollen voor McPherson en Bakr. Maar geen stuk sluit zo goed aan bij Abbasi’s bedoelingen als ‘Lonnie’s Lament’, alleen al vanwege dat zorgvuldig opgebouwde begin, om nog maar te zwijgen over de gitaarsolo. De wat meer dynamischere stukken hebben regelmatig een swingend karakter, ook ‘Meet the Moment’ is daar een goed voorbeeld van. Een stuk overigens waarin Ware zich uitstekend kan uitleven. Het laatste stuk valt, vanwege de strakke ritmiek die Abbasi en McPherson hier neerzetten, wat uit de toon in vergelijking met de rest van dit album, maar is daarmee ook een bijzondere afsluiting van een alleszins geslaagd album.

Tussen 2017 en 2024 vormden drummer Eric McPherson en bassist Crump samen met pianiste Kris Davis het Borderland Trio. Ze brachten in die jaren drie Cd’s uit, waarvan ‘Wandersphere’ ook hier aan bod kwam, allen via Intakt Records. Davis kreeg het ongetwijfeld druk met andere projecten en aangezien de samenwerking tussen McPherson en Crump naar meer smaakte, was het tijd voor een nieuw trio, nu bestaand uit McPherson, Crump en altsaxofonist Darius Jones. Het Otherlands Trio was geboren en onlangs verscheen hun debuutalbum op Intakt: ‘Star Mountain’. Voordeel van een trio album is dat we een nog beter beeld krijgen van de drummer McPherson. We vangen bijzonder ingetogen aan met het langste stuk van het album, ‘Metamorphose’, een wolk van klank. Dan is het Jones die ontsnapt met een diep doordringend patroon en verderop een boeiende melodie, fijn meanderend tussen McPherson’s slagwerk. En verderop horen we van deze drummer nog een paar opvallende solo’s, puntig en in een mooie dialoog met Jones. Bijzonder ook die eindeloze repetitieve patronen die we regelmatig van Jones horen, prima passend bij de ritmiek, zie bijvoorbeeld zo rond de veertiende minuut. In ‘Lateral Line’ is de klank van Jones’ altsax helemaal aan de hoge kant, soms lijkt het meer op sopraan- dan op een altsax. Maar bijzonder spel is het zonder meer. En let op de strakke ritmiek in ‘Diadromous’, McPherson en Crump in optima forma en wederom die repetitieve patronen van Jones. En schitterend zoals de klank tegen het einde volledig ontspoort. Een toon waarmee hij ook te horen is in het opvallend korte ‘Instared’. Het laatste stuk, het iets meer dan een kwartier durende ‘Imago’ vangt aan met een marsachtige ritmiek van McPherson, Crump breekt zo nu en dan door en verderop Jones in die inmiddels herkenbare stijl.

Beide albums zijn (deels) te beluisteren via Bandcamp en daar ook te koop: