Nico Muhly – No Resting Place / With Eys Lift Up (CD Recensie)

De Amerikaanse componist Nico Muhly is, al beperkt hij zich er niet toe, toch vooral bekend om zijn koormuziek en dan met name voor a cappella. Ook op deze blog kwam hij reeds voorbij met deze muziek, toen gezongen door het Choir of Merton College in Oxford en vandaag besteed ik aandacht aan twee andere Engelse koren die zijn muziek gloedvol vertolken. Het ook de bij ons zeer bekende The Tallis Scholars, onder leiding van Peter Philips nam onder de title ‘The Resting Place’ een zestal composities op voor Linn Records, onderdeel van Outhere Music en The Choir of Magdalen College, onder leiding van Mark Williams en eveneens gevestigd in Oxford nam onder de titel ‘With Eys Lift Up’ (sic!) een al even boeiende staalkaart van mans oeuvre op voor Coro Records.

‘No Resting Place’ vangt aan met ‘A Glorious Creature’, een hommage aan de zon, geschreven voor het vijftigjarig bestaan van The Tallis Scholars. “I thought it would be right to get something bright and radiant” zegt Muhli zelf over dit stuk en ja, met name het eerste deel barst van het enthousiasme, prachtig hoe hij hier die diversiteit van stemmen laat samenkomen. Het tweede deel, waarin Muhly stelt dat zelfs de zon, hoe groot ook, in vergelijking met de gehele schepping slechts “a little spark” is, klinkt een stuk meer ingetogen. Dat was in 2023. Tien jaar eerder schreef hij het eerste stuk voor het koor, het religieuze ‘Recordare, Domine’, waarvoor Muhly de eerste vijf verzen van het vijfde hoofdstuk van het Bijbelboek Klaagliederen koos. De joden zijn in ballingschap en weeklagen over hun lot. Een stuk dat vanzelfsprekend heel anders klinkt: ingetogen, doortrokken van melancholie en verdriet. ‘Marrow’ is gebaseerd op Psalm 63: “O God, thou art my God, early will I seek thee” zijn de eerste woorden die de toon zetten van dit beduidend optimistischer stuk. En door ook hier weer perfecte samenzang weet Muhly ook mij, die eerlijk gezegd niet echt iets heeft met die tekst, toch te raken. Het zeer opwekkende en met nog geen twee minuten zeer korte ‘Prosperite’ schreef Muhly voor Philips’ zeventigste verjaardag. Het wordt gevolgd door ‘Rough Notes’, waarvoor de componist het dagboek van de poolreiziger Robert Falcon Scott aanwende, niet lang voordat hij op de Noordpool doodvroor. Hij verhaalt over het noorderlicht, maar ook over het naderende einde: “These rough notes and our dead bodies must tell the tale.” In 2022 schreef Muhly nog een klaagzang voor het koor: het uit vijf delen bestaande ‘No Resting Place’. In die tijd verdiepte Muhly zich in het Windrush Schandaal, een Brits politiek schandaal dat draaide om het onterecht terugsturen van het emigranten, met name naar het Caraïbische gebied. Voor dit stuk combineerde Muhly delen uit interviews met betrokkenen met delen uit die eerder genoemde Klaagliederen. Een indrukwekkend stuk, met als hoogteputn het middendeel, ‘GHIMEL. Migravit Judas’.

De samenwerking tussen Muhly en The Choir of Magdalen College gaat terug naar 2021. Muhly benaderde het koor of ze geïnteresseerd waren in een ‘Alma Redemptoris Mater’ een stuk voor advent. Daar was het koor zeker in geïnteresseerd en wat volgde was een serie stukken voor diverse religieuze momenten rondom het leven van Christus gedurende het jaar. Ze staan centraal op dit album, naast een handvol andere composities. Het album begint echter met het opwekkende titelstuk van het album, het voor de Help Musicians geschreven ‘With Eys Lift Up’. Na enkele frases horen we orgel, bespeeld door Henry Morris, met een paar gerichte grepen, één van de weinige momenten op dit album waarin we dit koor niet a capella horen. Daarna volgt dat ‘Alma Redemptoris Mater’, met een mooie solorol voor Joe Xing. ‘This Other Sping’ volgt erna, geschreven voor Kerstmis. Een uiterst opgewekt stuk, vanzelfsprekend. “At break of Day, O how the Bells did ring! To thee, my King”. Maria-Lichtmis, of Candlemas in het Engels valt ieder jaar op 2 februari. Veertig dagen na de geboorte van Jezus brachten zijn ouders hem naar de tempel, iets  dat op deze dag wordt herdacht. Muhly schreef het uiterst gewijd klinkende ‘The Quiet Stars’.  ‘A Great Stone’ schreef Muhly weliswaar voor het koor van King’s College in Oxford, maar past hier prima. De dood van Christus – het gaat hier om de steen die voor het graf werd gerold – vinden we immers in de vijf stukken niet terug. Met ‘When All Is Endid Fully’ stappen we direct over naar de hemelvaart – majestueus past hier perfect als etiket – gevolgd door het voor de zondag na Pinksteren, het Feest van de Heilige Drie-eenheid, geschreven ‘On All Things’. Naast deze vijf stukken komen we nog een aantal, vaak wat kortere composities tegen die Muhly voor dit koor schreef, eveneens bruikbaar als onderdeel van de liturgie, waaronder een ‘Magnificat’ en een ‘Missa Brevis’.